Inloggen
Contact

Nieuwe BENG-eisen soepeler dan voorheen


Foto: EPEEglobal.org

De concept BENG-eisen zijn bekendgemaakt en blijken minder streng dan de voorgenomen BENG-eisen die tot nu toe bekend waren. Dat leidt tot rumoer in de markt.

De nieuwe concept-BENG-eisen zijn onlangs bekend gemaakt tijdens het Congres EPG 2.0, dat normalisatieinstituut NEN organiseerde op dinsdag 20 november in Barneveld. Daar werd duidelijk dat BENG-1 (De maximale energiebehoefte in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar) niet 25 kilowattuur (kWh) per vierkante meter per jaar is zoals de voorgenomen eis stelde, maar 70 kWh, geeft Bouwwereld aan. BENG-2 (Het maximale primair fossiel energiegebruik) is ook hoger dan de voorgenomen 25 kWh voor alle woongebouwen en staat nu op 30 kWh per vierkante meter per jaar voor grondgebonden woningen en 50 kWh voor woongebouwen, oftewel appartementen, meldt Vakblad Warmtepompen en Installatie.nl.

BENG-3
De voorgenomen eis voor BENG-3 (Het minimale aandeel hernieuwbare energie in procenten) had net zoals de voorgenomen eisen voor BENG-1 en BENG-2 een enkele waarde, namelijk 50 procent. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties stelt ook voor deze eis een verdeling voor, volgens Vakblad Warmtepompen. Een minimum van 50 procent zou gelden voor grondgebonden woningen en een minimum van 40 procent voor woongebouwen.

Kritiek op concepteisen
De concepteisen zijn overigens nog niet definitief, betrokken partijen kunnen zich de komende periode nog uitspreken over de bekendgemaakte cijfers. Ondertussen is er vanuit verschillende hoeken kritiek: Jan-Willem van de Groep stelt op Twitter dat de nieuwe BENG-norm een waarde krijgt die te vergelijken is met een energieprestatiecoëfficiënt van 0,6 en dat BENG toch “staat voor bijna energieneutrale gebouwen?” Hoogleraar Andy van der Dobbelsteen vindt dat de nieuwe norme zou moeten gaan om hoeveel energie een gebouw nog mag onttrekken uit het net, maar nu een ‘onambitieus ingewikkeld monster’ is.


Appels en peren
Betrokken partijen bij de BENG-eisen zijn direct in contact met de critici. Voorzitter van de projectgroep NTA 8800 Harm Valk erkent dat de eisen soepeler zijn dan voorheen, maar benadrukt ook dat elke vergelijking van EPC en BENG “volledig mank" gaat. Ieke Kuijpers-van Gallen, directeur van DGMR Raadgevend Ingenieurs zegt ook de getalswaarden van EPC en BENG appels en peren zijn. DGMR voerde de kostenoptimalisatiestudie uit voor de nieuwe BENG-eisen.

Redenen soepelere BENG-eisen
Er zijn volgens Aannemervak op 20 november drie redenen genoemd voor de soepelere eisen. Ten eerste zijn de prijzen in de bouw nu een stuk hoger dan toen in 2015 de voorgenomen eisen gepubliceerd werden. Deze hogere prijzen zijn meegewogen in de kostenoptimalisatiestudie van DGMR. Ten tweede is de NTA 8800 recent gepubliceerd en die nieuwe rekenmethode gaat bijvoorbeeld uit van een andere primaire energiefactor van elektriciteit en ander rendement van het landelijke elektriciteitsnet dan de eerdere bepalingsmethode, de NEN 7120. Ten derde is er geschoven tussen BENG-eisen, waardoor ventiliatiesystemen bijvoorbeeld niet meer meetellen onder BENG-1, maar onder BENG-2.

Nuance en duiding projectgroep NTA 8800
Voorzitter van de projectgroep NTA 8800 Valk heeft ook gereageerd op de ophef in de markt. In een artikel op DuurzaamGebouwd.nl wijst Valk ook op de drie zaken die de nieuwe grenswaarde van BENG hebben bepaald. Over de NTA 8800 zegt Valk dat uitkomsten van deze rekenmethode hoger uitvallen dan van EPC- en EI-berekeningen en dat dit de lijn der verwachting valt: uitkomsten van de oude methodes suggereren een te gunstig energiegebruik ten opzichte van wat in de praktijk mogelijk was, aldus Valk.

Over de kostenoptimalisatiestudie legt de voorzitter uit dat "alleen al door het rekenen met gebouwen met (bijvoorbeeld) warmtepompen, wordt een autonome kostenstijging geïntroduceerd", wat ook leidt tot hogere grenswaarden. Eenzelfde invloed hebben wijzigingen in de BENG-definities, legt Valk uit in het uitgebreide artikel.